Home
|
Contact
|
Sitemap
|
Links
|
Search
Inloggen/Registreren JMW
De Lairessestraat 145 Amsterdam
020 5776577
JMW
Hulpverlening & Mediation
Thuiszorg
Joodse activiteiten & Tsavta
Jingles & Joodse Vrienden
de Benjamin & Joodse agenda
Servicepakket
Vrijwilligers
U bevindt zich hier:
JMW
>
Oorlogswezen
Wat is JMW
Organisatie
Cliënten- en Deelnemersraad
Bereikbaarheid
Vacatures
Partners & links
Joods Zorgcircuit
Statuten, reglementen & klachten
Oorlogswezen
Feiten over de wezenkwestie
Fonds Joodse oorlogswezen
Publicaties & downloads
Donaties
Activiteitenagenda
Veelgestelde vragen & ideeën
Enquête
Prikbord
Fact sheet
Joods Maatschappelijk Werk (JMW) is de rechtsopvolger van een aantal Joodse Voogdij instellingen. Deze instellingen hadden de voogdij over wezen wier ouders vermoord zijn in de Tweede Wereldoorlog.
In 2005 publiceerde Elma Verhey haar boek “Kind van de rekening”. De strekking van het boek was dat Joodse voogdijorganisaties de financiële belangen van de oorlogswezen niet goed hadden behartigd en zelfs in hun voordeel zouden hebben gebruikt. Dit misbruik van de gelden van de minderjarige oorlogswezen zou via een cover-up operatie zijn verdoezeld. Hierna werd aan JMW de oproep gedaan om gelden van de Joodse voogdij-instellingen ten goede te laten komen aan Joodse oorlogswezen. JMW heeft deze conclusies betwist, ondermeer vanwege de wijze waarop in “Kind van de rekening” is omgegaan met historische bronnen.
Daarom werd na besprekingen in Israël en Nederland, in overleg met het Verbond Belangenbehartiging Vervolgingsslachtoffers (VBV) en de Stichting Israël Nederlands-Joodse Oorlogswezen (SINJOI), besloten tot een onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek naar het beheer van de gelden van Joodse oorlogswezen door de Gefusioneerde Joodse Instellingen voor Kinderbescherming (‘de Fusie’). Gezamenlijk werden de onderzoeksvragen en de onderzoeksopzet uitgewerkt. Het onderzoek werd door de vier opdrachtgevers (JMW, stichting Samenwerkingsverband-JMW, VBV en SINJOI) in handen gelegd van gekwalificeerde onderzoekers (Dr. J. Joor, historicus, en Drs. F. Hoek, accountant) Besloten werd de verantwoordelijkheid voor de onafhankelijkheid van het onderzoek en de wetenschappelijke kwaliteit van het eindproduct te leggen bij een Begeleidingscommissie met leden die een reputatie van onafhankelijkheid en integriteit hebben. Alle partijen zouden zich neerleggen bij de uitkomsten van dit onderzoek. De opdrachtgevers wilden met deze opdracht definitief duidelijkheid verschaffen over de beschuldigingen tegen bestuur en medewerkers van ‘de Fusie’.
In september 2008 hebben de onderzoekers hun eindrapport ‘Rekenschap’ ingeleverd. De Begeleidingscommissie stelt dat het onderzoek met de grootste zorgvuldigheid is uitgevoerd en dat de conclusies zorgvuldig afgewogen zijn. De algemene conclusie luidde: “
De zorg van de Gefusion(n)eerde Joodse Instellingen voor Kinderbescherming voor de Joodse oorlogswezen en de behartiging van hun financiële belangen zijn naar de mening van de onderzoekers naar behoren geweest en onderscheiden zich in meerdere opzichten positief van het vigerend overheidsbeleid. Er zijn geen redenen gevonden om te twijfelen aan de goede intenties, inzet en integriteit van bestuursleden en betrokken medewerkers van de Fusie. Wel kunnen bij sommige aspecten van het beleid in de praktijk vraagtekens worden geplaatst.”
In deel I van “Rekenschap”, stellen de onderzoekers dat er met inachtneming van de ‘vraagtekens’ “in het bronnenmateriaal geen aanwijzingen (zijn) aangetroffen die er op zouden kunnen wijzen dat gelden van Joodse minderjarige wezen deel hebben uitgemaakt van het Fusie-vermogen van 3,8 miljoen gulden dat in 1981 is overgedragen aan JMW. In de financiële rapportage is van jaar tot jaar in detail gespecificeerd hoe de eigen vermogens van de Fusie-instellingen zich hebben ontwikkeld.”
VBV en SINJOI delen niet alle conclusies uit het onderzoek.
Naast het bovengenoemde onderzoek heeft JMW alle wezen die onder de voogdij van ‘de Fusie’ vielen de gelegenheid gegeven hun specifieke individuele situatie te laten onderzoeken. De PIJO (Projectgroep Informatie Joodse Oorlogswezen), hiervoor in het leven geroepen, heeft uiteindelijk van 17 personen een verzoek om rapportage ontvangen. In totaal zijn er 14 rapportages opgesteld. In 7 gevallen was er een concrete vraag en is er ook een aanvullende rapportage opgesteld.
Ook is alle wezen die onder de voogdij van ‘de Fusie’ vielen de gelegenheid gegeven om een claim in te dienen: als men van mening was dat er bij het vermogensbeheer door Le Ezrath fouten waren gemaakt, kon men, daarbij al dan niet een beroep doend op het onderzoekswerk van de PIJO, een onderbouwde claim indienen bij de stichting Samenwerkingsverband-JMW. Als het Samenwerkingsverband-JMW negatief besliste, kon men in beroep gaan bij een onafhankelijke Bezwaarcommissie, bij wiens oordeel het Samenwerkingsverband-JMW zich neerlegt.
Door 2 personen zijn in totaal 3 claims neergelegd. JMW heeft deze claims afgewezen en deze zijn vervolgens voorgelegd aan de Bezwaarcommissie. Van de drie afgewezen claims zijn twee claims door de Bezwaarcommissie afgewezen, één claim is toegewezen. Dit betrof echter een bedrag, dat niet onder de verantwoordelijkheid van ‘de Fusie’ viel, maar onder een notaris. De claimant, die in die tijd al meerderjarig was, had aan ‘de Fusie’ een volmacht gegeven om haar belangen te behartigen en JMW kon niet bewijzen, dat ‘de Fusie’ indertijd de notaris tot uitbetaling had gemaand.
Joods Maatschappelijk Werk (JMW) is de rechtsopvolger van een aantal Joodse Voogdij instellingen. Deze instellingen hadden de voogdij over wezen wier ouders vermoord zijn in de Tweede Wereldoorlog.
In 2005 publiceerde Elma Verhey haar boek “Kind van de rekening”. De strekking van het boek was dat Joodse voogdijorganisaties de financiële belangen van de oorlogswezen niet goed hadden behartigd en zelfs in hun voordeel zouden hebben gebruikt. Dit misbruik van de gelden van de minderjarige oorlogswezen zou via een cover-up operatie zijn verdoezeld. Hierna werd aan JMW de oproep gedaan om gelden van de Joodse voogdij-instellingen ten goede te laten komen aan Joodse oorlogswezen. JMW heeft deze conclusies betwist, ondermeer vanwege de wijze waarop in “Kind van de rekening” is omgegaan met historische bronnen.
Daarom werd na besprekingen in Israël en Nederland, in overleg met het Verbond Belangenbehartiging Vervolgingsslachtoffers (VBV) en de Stichting Israël Nederlands-Joodse Oorlogswezen (SINJOI), besloten tot een onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek naar het beheer van de gelden van Joodse oorlogswezen door de Gefusioneerde Joodse Instellingen voor Kinderbescherming (‘de Fusie’). Gezamenlijk werden de onderzoeksvragen en de onderzoeksopzet uitgewerkt. Het onderzoek werd door de vier opdrachtgevers (JMW, stichting Samenwerkingsverband-JMW, VBV en SINJOI) in handen gelegd van gekwalificeerde onderzoekers (Dr. J. Joor, historicus, en Drs. F. Hoek, accountant) Besloten werd de verantwoordelijkheid voor de onafhankelijkheid van het onderzoek en de wetenschappelijke kwaliteit van het eindproduct te leggen bij een Begeleidingscommissie met leden die een reputatie van onafhankelijkheid en integriteit hebben. Alle partijen zouden zich neerleggen bij de uitkomsten van dit onderzoek. De opdrachtgevers wilden met deze opdracht definitief duidelijkheid verschaffen over de beschuldigingen tegen bestuur en medewerkers van ‘de Fusie’.
In september 2008 hebben de onderzoekers hun eindrapport ‘Rekenschap’ ingeleverd. De Begeleidingscommissie stelt dat het onderzoek met de grootste zorgvuldigheid is uitgevoerd en dat de conclusies zorgvuldig afgewogen zijn. De algemene conclusie luidde: “
De zorg van de Gefusion(n)eerde Joodse Instellingen voor Kinderbescherming voor de Joodse oorlogswezen en de behartiging van hun financiële belangen zijn naar de mening van de onderzoekers naar behoren geweest en onderscheiden zich in meerdere opzichten positief van het vigerend overheidsbeleid. Er zijn geen redenen gevonden om te twijfelen aan de goede intenties, inzet en integriteit van bestuursleden en betrokken medewerkers van de Fusie. Wel kunnen bij sommige aspecten van het beleid in de praktijk vraagtekens worden geplaatst.”
In deel I van “Rekenschap”, stellen de onderzoekers dat er met inachtneming van de ‘vraagtekens’ “in het bronnenmateriaal geen aanwijzingen (zijn) aangetroffen die er op zouden kunnen wijzen dat gelden van Joodse minderjarige wezen deel hebben uitgemaakt van het Fusie-vermogen van 3,8 miljoen gulden dat in 1981 is overgedragen aan JMW. In de financiële rapportage is van jaar tot jaar in detail gespecificeerd hoe de eigen vermogens van de Fusie-instellingen zich hebben ontwikkeld.”
VBV en SINJOI delen niet alle conclusies uit het onderzoek.
Naast het bovengenoemde onderzoek heeft JMW alle wezen die onder de voogdij van ‘de Fusie’ vielen de gelegenheid gegeven hun specifieke individuele situatie te laten onderzoeken. De PIJO (Projectgroep Informatie Joodse Oorlogswezen), hiervoor in het leven geroepen, heeft uiteindelijk van 17 personen een verzoek om rapportage ontvangen. In totaal zijn er 14 rapportages opgesteld. In 7 gevallen was er een concrete vraag en is er ook een aanvullende rapportage opgesteld.
Ook is alle wezen die onder de voogdij van ‘de Fusie’ vielen de gelegenheid gegeven om een claim in te dienen: als men van mening was dat er bij het vermogensbeheer door Le Ezrath fouten waren gemaakt, kon men, daarbij al dan niet een beroep doend op het onderzoekswerk van de PIJO, een onderbouwde claim indienen bij de stichting Samenwerkingsverband-JMW. Als het Samenwerkingsverband-JMW negatief besliste, kon men in beroep gaan bij een onafhankelijke Bezwaarcommissie, bij wiens oordeel het Samenwerkingsverband-JMW zich neerlegt.
Door 2 personen zijn in totaal 3 claims neergelegd. JMW heeft deze claims afgewezen en deze zijn vervolgens voorgelegd aan de Bezwaarcommissie. Van de drie afgewezen claims zijn twee claims door de Bezwaarcommissie afgewezen, één claim is toegewezen. Dit betrof echter een bedrag, dat niet onder de verantwoordelijkheid van ‘de Fusie’ viel, maar onder een notaris. De claimant, die in die tijd al meerderjarig was, had aan ‘de Fusie’ een volmacht gegeven om haar belangen te behartigen en JMW kon niet bewijzen, dat ‘de Fusie’ indertijd de notaris tot uitbetaling had gemaand.
הדפס
Oorlogswezen
Oorlogswezen 'downloads'
Titel
Beschrijving
Categorie
Grootte
Publicatie 'Een Goede Naam'
Publicatie 'Een Goede Naam'
Oorlogswezen
292.02 KB
'Rekenschap' te koop
'Rekenschap' te koop
Oorlogswezen
605.50 KB
Vragen & toelichting op 'Rekenschap'
Vragen & toelichting op 'Rekenschap'
Oorlogswezen
4.11 MB
Bezwaarschriftenreglement WOII
Bezwaarschriftenreglement WOII
Oorlogswezen
39.00 KB
Eindverslag Projectgroep Informatie Joodse Oorlogswezen
Eindverslag Projectgroep Informatie Joodse Oorlogswezen
Oorlogswezen
729.90 KB
Onderzoeksrapport 'Rekenschap'
Onderzoeksrapport 'Rekenschap'
Oorlogswezen
104.86 KB